UA-60347368-1
U gebruikt een verouderde browser. Wij raden u aan een upgrade van uw browser uit te voeren naar de meest recente versie.

Wat is zweetwerk ?

Onderstaand artikel over wat zweetwerk is, is een vrije bewerking van een artikel dat Rosemarijn Gelauff van ‘Honden op het spoor’ heeft geschreven voor de website www.doggo.nl. Bij Rosemarijn heb ik de opleiding tot zweetwerkinstructeur gevolgd.

 

Zweetwerk (ook natuurnazoek genoemd) is het speurwerk van een (jacht)hond met voorjager naar aangereden of aangeschoten grof wild. Het in ons land levend grof wild zijn het edelhert, damhert, ree, wild zwijn en moeflon. In Nederland verongelukken regelmatig grote hoefdieren. Ondanks de vele maatregelen, zoals afrasteringen en oversteekplaatsen, gebeurt het toch dat deze dieren worden aangereden. Niet alle dieren zijn na een aanrijding direct dood. Het gewonde dier zal dan de dekking in vluchten. Als hier niets aan wordt gedaan zal het gewonde dier zich in die begroeiing schuil houden en een langzame dood sterven. Dit kan ook gebeuren als een dier geschoten is maar niet dodelijk geraakt. Jagers die verantwoordelijk zijn voor het beheer van het wild kunnen door allerlei oorzaken ‘mis’ schieten. Het is daarom van groot belang voor het dierenwelzijn dat zowel aangeschoten als aangereden dieren gevonden worden en zo snel mogelijk uit hun lijden worden verlost.

 

Waarom zweetwerktraining?

Er zijn verschillende redenen om zweetwerktraining met je hond te gaan doen:

  • om de hond te trainen voor een natuurnazoek;
  • om te beantwoorden aan de passie van de hond;
  • om gewoon lekker met je hond aan het werk te zijn;
  • om de relatie met je hond te verbeteren.

 

Voorjager en zweethond aan het werk

Om het gewonde dier te vinden gaan vervolgens een zweethond met voorjager aan het werk. De hond is getraind om het spoor van een gewond dier na te zoeken en kan zowel op het verloren zweet (lees: bloed) werken als op de geur van hoefafdrukken.

De zweethond krijgt een speciale brede halsband of tuig om met daaraan een lange lijn van ca 10 meter. De zweethond wordt op het wondbed gezet en afhankelijk van de ervaring van de hond zal deze direct het zweetspoor oppakken en dit gaan volgen. Aan een lange lijn volgt de hond het spoor en controleert de voorjager het werk van de hond aan de hand van het ‘lezen’ van zijn hond en de verwijzingen (b.v. bloed of pootafdruk) op het spoor.

 

Teamwerk

Hond en voorjager zijn een team dat de nazoek verricht. Het is niet alleen de hond die het spoor volgt. Immers, zodra de hond bijvoorbeeld van richting verandert zal de voorjager moeten checken of hij inderdaad een verwijzing ziet waaruit hij kan opmaken dat het spoor van richting is veranderd. Het kan nog wel eens gebeuren dat dwars over het spoor ander wild gelopen heeft en de hond dat spoor oppakt.

 

Uitwerken van een zweetspoor

Het zweetspoor uitwerken zoals dit werk wordt genoemd is een intensieve en tijdrovende bezigheid. Afhankelijk van de verwonding kan het een paar uur tot een dag, soms zelfs langer, duren voor het gewonde wild gevonden is. Eenmaal aangekomen bij het wild krijgt de hond van de voorjager een beloning en wordt het gewonde wild door de jager, die ook mee is gelopen, uit zijn lijden verlost.

 

De zweetwerktraining

Het zal duidelijk zijn dat in een training geen spoor wordt gevolgd van aangeschoten wild. In de training wordt vooraf een spoor uitgezet met runder- of reeënbloed. Afhankelijk van de ervaring van voorjager en hond is het spoor dat uitgezet wordt een vers of een oud spoor.

Bij de start van het spoor is een wondbed gemaakt. De voorjager bespreekt met de trainer het wondbed en vervolgens wordt beoordeeld of een lange of korte nazoek verwacht kan worden. Terwijl de voorjager het wondbed inspecteert, zit de hond op afstand en wacht op het eerste commando. Het is dus zaak dat de hond goed onder appèl staat.

Gedurende de training komt het appèl tijdens de nazoek, het startritueel  en het leren lezen van de hond aan bod. Verder wordt er aandacht besteed aan de kennis van de vegetatie en het grofwild.

 

Welke honden zijn geschikt voor het zweetwerk?

Zoals voor elke tak van hondensport geldt ook hier dat het ene ras er beter voor geschikt is dan het andere. Bekende zweethonden zijn o.a. de Hannoveraanse zweethond, de Beierse bergzweethond, de Dasbrak en Duitse wachtel. Ook geschikt zijn de brakken, spaniëls, dashonden, continentale staande honden en Terriërs. Maar ook gaat hier de regel op dat alles te leren valt. Diverse andere rassen hebben met succes de trainingen gevolgd en kunnen nazoeken doen.

 

Gaat mijn hond nu elk spoor achterna?

Terecht wordt de vraag gesteld: “ja, maar wat als mijn hond eenmaal de smaak te pakken heeft, volgt hij dan elk spoor?”.

Het antwoord is 'nee' wanneer je je hond goed onder appèl hebt. Je hond leert gedurende de zweetwerktraining dat hij aan werk moet zodra het ritueel gestart is. Blijft het ritueel achterwege dan weet een hond dat het spoorzoeken niet gevraagd wordt en dus niet gewenst is.

 

Neveneffecten van zweetwerktraining

De neus van de hond is zijn beste zintuig en daar werkt hij graag mee. Dat geldt dus niet alleen voor de voor het zweetwerk gefokte honden. In de afgelopen jaren hebben we mogen ervaren dat:

  • hele drukke honden rustig worden op het spoor;
  • de baas-hond relatie groeit/verbetert;
  • onzekere honden zelfstandiger, initiatiefrijker en zelfverzekerder worden;
  • doordat de hond individueel werkt en geen hinder ondervindt van de aanwezigheid van andere honden, kan de hond die minder goede ervaringen heeft opgedaan geweldig aan zelfvertrouwen winnen.
  • deelnemers beter hun hond leren lezen en de communicatie van de hond gaan begrijpen. In de training loop je om de beurt een spoor. De andere deelnemers lopen een stuk achter je mee en leren zo de hond te lezen. Hierdoor leer je ook op den duur beter naar je eigen hond te kijken.

Maar het mooiste van alles: je zult je verbazen met welke passie je hond dit werk gaat doen en je enorm dankbaar is dat je hem deze passie laat uitvoeren.

De sporen worden op het afsluitende examen beoordeeld op 4 elementen:

1. Startritueeel

2. Spoorwil van de hond

3. Spoorvastheid van de hond

4. Samenwerking voorjager-hond

Per element krijgt de combinatie een beoordeling van 1 tot 10.

 

Op 9 september 2017 werd Alieke Enders met hond Freek "Spoorvastkampioen" met 39 punten (max. is 40). Sinds 20 oktober 2018 moet ze deze klassering delen met Henk van de Weitgraven met hond Wytse. Beiden hadden de volgende scores:

1. Startritueeel: 10

2. Spoorwil van de hond: 10

3. Spoorvastheid van de hond: 9

4. Samenwerking voorjager-hond: 10

 

Cookie-beleid

Deze site maakt gebruik van cookies om informatie op uw computer op te slaan.

Gaat u akkoord?